jun - Aandelen- of activatransactie: welke route kies je bij verkoop van een assurantieportefeuille?

Donderdag 1 januari 2026

Aandelen- of activatransactie: welke route kies je bij verkoop van een assurantieportefeuille?

Waarom de gekozen structuur vaak belangrijker is dan de koopsom

Wie besluit zijn assurantieonderneming of portefeuille te verkopen, krijgt vroeg of laat deze vraag:
verkoop ik mijn aandelen, of verkoop ik (alleen) de portefeuille als activa?

Het lijkt een technische keuze, maar in de praktijk bepaalt deze beslissing:

  • hoeveel risico je overdraagt

  • hoe de koopprijs wordt betaald

  • welke fiscale gevolgen optreden

  • wat er gebeurt met personeel, contracten en claims

In dit artikel leg ik uit wat het verschil is tussen een aandelen- en een activatransactie, wanneer welke route logisch is en welke valkuilen ik in de praktijk regelmatig zie.


1. Twee routes, fundamenteel verschillend

Hoewel beide routes leiden tot overdracht, is het juridisch en praktisch effect totaal anders.

Aandelenoverdracht

De koper koopt:

  • de aandelen in de BV

  • daarmee de volledige onderneming

  • inclusief portefeuille, personeel, contracten én risico’s

Activatransactie

De koper koopt:

  • specifieke activa (meestal de assurantieportefeuille)

  • soms aangevuld met contracten of goodwill

  • maar níet de rechtspersoon

De verkoper houdt de BV, met alles wat daarin achterblijft.


2. Aandelenoverdracht: wanneer ligt dit voor de hand?

Een aandelenoverdracht is vaak logisch wanneer:

  • de onderneming overzichtelijk is

  • er personeel mee overgaat

  • contracten niet eenvoudig te scheiden zijn

  • er weinig historische risico’s zijn

Voordelen voor de verkoper

  • vaak fiscaal aantrekkelijk

  • eenvoudiger overdracht (één transactie)

  • volledige exit mogelijk

Nadelen voor de koper

  • overname van alle risico’s

  • mogelijke claims uit het verleden

  • afhankelijkheid van garanties en vrijwaringen

Daarom zie je bij aandelenoverdrachten vaak:

  • uitgebreide due diligence

  • stevige garantieclausules

  • escrow- of zekerheidsconstructies


3. Activatransactie: focus op de portefeuille

Bij een activatransactie wordt heel gericht gekeken naar wat wél en niet wordt overgedragen.

Meestal omvat dit:

  • de assurantieportefeuille

  • bijbehorende provisierechten

  • goodwill

  • soms specifieke contracten

Wat achterblijft:

  • oude verplichtingen

  • historische aansprakelijkheden

  • schulden

  • soms personeel

Waarom kopers dit vaak prefereren

  • minder risico

  • duidelijk afgebakende scope

  • eenvoudiger financiering

Voor verkopers is deze route aantrekkelijk als:

  • zij willen afbouwen

  • de BV verder leeg is

  • er risico’s of claims spelen

  • zij controle willen houden over afwikkeling


4. Personeel: een cruciaal verschil

Een onderschat thema is personeel.

Bij aandelenoverdracht

  • personeel blijft automatisch in dienst

  • alle arbeidsrechten blijven intact

Bij activatransactie

  • overgang van personeel is geen automatisme

  • Wet overgang van onderneming kan tóch van toepassing zijn

  • verkeerde aannames leiden tot conflicten

Dit punt vereist altijd arbeidsrechtelijke toetsing, zeker bij grotere teams.


5. Fiscale hoofdlijnen (zonder te verdiepen)

Zonder in detail te treden:

  • Aandelenverkoop

    • belasting in box 2

    • vaak gunstiger bij volledige exit

  • Activatransactie

    • winstbelasting in de BV

    • daarna mogelijk nog heffing bij uitkering

Daarnaast speelt:

  • timing van belasting

  • betaling in termijnen

  • verkopersfinanciering

Fiscale optimalisatie begint vóór onderhandelingen, niet erna.


6. Financierbaarheid en koopprijs

De gekozen structuur beïnvloedt hoe een koper financiert.

  • Banken financieren liever:

    • stabiele cashflows

    • duidelijk afgebakende activa

  • Daarom zijn activatransacties vaak eenvoudiger te financieren

  • Bij aandelenoverdracht wordt vaker gewerkt met:

    • earn-out

    • achtergestelde leningen

    • garanties

Belangrijk inzicht:
👉 De hoogste prijs op papier is niet altijd de beste deal.


7. Wat zie ik in de praktijk misgaan?

Veelvoorkomende fouten:

  • te laat nadenken over structuur

  • “de koper bepaalt het wel”

  • fiscaliteit pas na intentieovereenkomst bekijken

  • onderschatten van personeel en risico’s

Gevolg:

  • heronderhandeling

  • vertraging

  • afhaken van koper

  • lagere opbrengst


8. Er is geen standaardantwoord

De juiste route hangt af van:

  • omvang en samenstelling van de portefeuille

  • aanwezigheid van personeel

  • fiscale positie

  • persoonlijke doelen van de verkoper

  • risicobereidheid van koper

Daarom start een goed traject altijd met structuurkeuze, niet met prijs.


Conclusie

De keuze tussen een aandelen- of activatransactie is geen formaliteit, maar een strategische beslissing met grote gevolgen.

Wie dit vooraf goed bepaalt:

  • voorkomt discussies

  • behoudt regie

  • maximaliseert rust én opbrengst


Call-to-actions – passend bij jouw praktijk

CTA 1 — Structuurkeuze vóór verkoop

Twijfel je welke route voor jou het beste past?
Ik help bij het maken van een onderbouwde keuze vóórdat je de markt op gaat.

CTA 2 — Second opinion bij lopend traject

Al in gesprek met een koper, maar onzeker over de voorgestelde structuur?
Een onafhankelijke blik voorkomt dure fouten.

CTA 3 — Voor kopers

Zeker weten dat de gekozen transactievorm past bij risico en financiering?
Ik begeleid kopers bij structurering en afweging.